Vraag van de week: komt er een verdringingstoets?

De banenafspraak kan bij u als werkgever vragen oproepen. Die nemen we natuurlijk graag bij u weg. Immers: hoe minder vragen, hoe minder hoog de drempel om inclusief te ondernemen.

Wekelijks plaatsen we daarom één van de meest gestelde vragen met het juiste antwoord. Deze vraag heeft te maken met de banenafspraak:
Werkgevers in de marktsector hebben beloofd te zorgen voor 100.000 extra banen voor mensen met een arbeidsbeperking. Dit noemen we de banenafspraak. Deze afspraak is onderdeel van het Sociaal akkoord, en vastgelegd in de Participatiewet die sinds 1 januari 2015 geldt. De afspraken zijn gemaakt tussen werkgevers- en werknemersorganisaties en de overheid.

Meer weten? We hebben al meer dan 80 vragen beantwoord.

Bekijk het complete overzicht.

Zelf een vraag? Stuur hem in!

Antwoord

De Eerste Kamer besloot gisteren een beslissing over de verdringingstoets uit te stellen. De senatoren zijn bezorgd dat de toets, bedoeld om ongewenste verdringing op de arbeidsmarkt tegen te gaan door een toets verplicht te stellen, moeilijk uitvoerbaar is. Voor de Eerste Kamer een beslissing wil nemen, zal de uitvoerbaarheid daarom verder worden onderzocht.

De achtergrond:

In 2015 diende SP-kamerlid Karabulut een initiatiefwetsvoorstel in om te komen tot een verdringingstoets. Deze toets is bedoeld om mensen met een bijstandsuitkering meer kansen op een betaalde baan te bieden en werknemers in loondienst en zzp’ers te beschermen tegen oneerlijke concurrentie door onbetaalde of laagbetaalde krachten.

Gemeenten zouden dan verplicht zijn om bij alle projecten rondom werk met behoud van uitkering te toetsen of er geen verdringing plaatsvindt. Dat is relevant voor de banenafspraak omdat ook leer-werktraject of proefplaatsingen (met behoud van uitkering) waarin de loonwaarde kan worden vastgesteld, onder deze toets zouden vallen.

De Eerste Kamer is bezorgd over de uitvoerbaarheid van deze toets en heeft daarom gevraagd om in gesprek te gaan met VNG, Divosa, het UWV en Cedris en een uitvoeringstoets uit te laten voeren. Uit de antwoorden van minister Koolmees (SZW) in het debat bleek dat de uitvoering van deze toets in elk geval 10 weken zal duren.

By |2021-03-10T18:56:24+02:0010 maart 2021|Nieuws, Vraag van de week|0 reacties

About the Author:

Deze website gebruikt cookies om ons een beeld te geven van het bezoek van deze website. Ok