Het imago van inclusie

Er is krapte op de arbeidsmarkt. Tegelijkertijd zijn veel mensen met een beperking nog niet aan het werk. Mensen met een beperking zouden daarom een interessante nieuwe bron van medewerkers voor veel bedrijven kunnen zijn.

Toch zijn veel werkgevers huiverig om mensen uit de doelgroep een kans te geven. Een belangrijke reden daarvoor is dat werkgevers vaak een negatief beeld hebben van het werkvermogen van de doelgroep.

Uit mijn onderzoek blijkt dat er negatieve beelden heersen over drie belangrijke elementen: werving, sociale integratie en prestatievermogen.

Werving
Werkgevers geven aan dat er nu eenmaal weinig mensen met een beperking solliciteren op hun vacatures. Gezien het aantal werkzoekenden met een beperking, is dit statisch onwaarschijnlijk. Er zijn drie redenen waarom werkgevers dit gevoel hebben: veel beperkingen zijn niet direct zichtbaar, veel mensen met een beperking vertellen er tijdens de sollicitatie liever niet over en veel vacatureteksten zijn zo opgesteld dat ze weinig uitnodigend zijn voor de doelgroep. Alleen al door in de vacaturetekst te vermelden dat mensen met een beperking worden uitgenodigd om te solliciteren, kunnen belangrijke hobbels worden weggenomen.

Sociale integratie
Veel werkgevers zijn bezorgd dat er geen draagvlak voor inclusie is onder collega’s op de werkvloer. Het zou tot scheve ogen kunnen leiden als een collega met een beperking minder productief is of meer ondersteuning nodig heeft om hetzelfde werk te kunnen doen.

Deze zorgen worden door geen enkel empirisch onderzoek ondersteund. Sterker nog: alle onderzoeken laten zien dat de medewerkerstevredenheid van alle medewerkers – met en zonder beperking – gemiddeld genomen hoger is bij inclusieve bedrijven.

Prestatievermogen
De grootste zorg van werkgevers betreft het prestatievermogen van mensen met een beperking. Dan gaat het over het productievermogen, maar ook over betrouwbaarheid en aanwezigheid. Dit zijn hardnekkige beelden, maar ook hiervoor geldt dat empirisch onderzoek ze niet ondersteunt. Belangrijk hierbij is natuurlijk wel, dat de kwaliteiten van de medewerker en de vereisten van de functie op elkaar aansluiten. Maar dat geldt net zo goed voor medewerkers zonder beperking.

De meeste werkgevers die (vanwege bovengenoemde zorgen) niet van plan zijn om mensen met een beperking aan te nemen, hebben ook geen ervaring met deze doelgroep. De negatieve beelden ontstaan uit onbekendheid en blijven uit onbekendheid ook bestaan.

Door werkgevers in contact te brengen met mensen uit de doelgroep en door de zorgen wetenschappelijk te weerleggen, kunnen we dit patroon doorbreken. En dat is de moeite waard. Uit al het beschikbare onderzoek blijkt dat medewerkers met een beperking een toegevoegde waarde hebben. Dit zowel in economisch opzicht als voor wat betreft de werksfeer.

Silvia Bonaccio is professor Psychologie & Werk aan de universiteit van Ottawa. Bonaccio publiceerde vorig jaar het artikel The Participation of People with Disabilities in the Workplace Across the Employment Cycle: Employer Concerns and Research Evidence.

 

 

 

 

 

 

 

 

Prof. Monique Kremer en dr. Robert Went zijn verbonden aan de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.


* Het rapport van de WRR, een filmpje over het rapport en de registratie van de presentatie van het rapport in Pakhuis de Zwijger (Amsterdam) op 15 januari 2020 zijn te vinden op: WRR-rapport 102: Zet nu in op kwaliteit van werk.

By |2020-02-07T16:48:08+02:007 februari 2020|Columns, Nieuws|0 reacties

About the Author:

Deze website gebruikt cookies om ons een beeld te geven van het bezoek van deze website. Ok