Op naar de 100.000! Banen Op naar de 25.000! Banen

Als je het kan, maar je doet niets, dan gebeurt er ook niets!

Op 17 juni kiest Nederland voor de eerste keer een Minister van Gehandicaptenzaken. De Minister van Gehandicaptenzaken is een initiatief van de Lucille Werner Foundation en KRO-NRCV. Tijdens een live televisie-uitzending (maandag 17 juni om 21.15 uur op NPO 1) wordt de winnaar verkozen. De komende dagen krijgen de zes finalisten op deze site de kans om zich te presenteren. Vandaag: Rick Brink.

Ik weet nog goed dat ik een jongen was, misschien een jaar of zestien. De mobieltjes waren in opkomst. Steeds meer mensen liepen met zo’n apparaatje rond. Dat wilde ik ook wel. Ik vertelde dit thuis en toen zeiden mijn vader en moeder: “Rick, als jij een mobieltje wilt, dan zal je die zelf moeten verdienen. Bijvoorbeeld door een bijbaan te nemen”. Mijn vrienden werkten destijds allemaal in de supermarkt, maar gezien mijn beperking was die optie uitgesloten. Door mijn beperking kan ik nog geen zak met aardappelen optillen.

Ik stuurde een open sollicitatie naar allerlei bedrijven en instanties, die wel functies konden aanbieden die binnen mijn mogelijkheden lagen. Zo schreef ik een brief aan het lokale ziekenhuis. Ook schreef ik diverse campings aan en solliciteerde ik bij de plaatselijke taxicentrale. Laatstgenoemde belde en nodigde mij uit voor een kennismakingsgesprek.

Eerste ervaringen

Daar ging ik, mijn allereerste ritje op weg naar een betaalde (bij)baan. Ik weet nog goed dat het gesprek plaatsvond op een dinsdag. Op vrijdag mocht ik voor de allereerste keer proefdraaien als centralist. In deze functie stond ik mensen te woord die een taxi wilden bestellen en moest ik er voor zorgen dat alles op een juiste manier in de computer werd gezet. Nauwkeurigheid was hierbij ontzettend belangrijk, omdat je naast het juiste tijdstip ook moest zorgen dat de hulpmiddelen die mensen mee wilden nemen tijdens een taxirit op een juiste manier in kaart werden gebracht.

Ik ben de toenmalige directeur van dit taxibedrijf tot op de dag van vandaag nog enorm dankbaar. Deze stap heeft mij voor een belangrijk deel gevormd tot wie ik nu ben. Werk is namelijk belangrijk. Niet alleen voor het verdienen van je eigen boterham, maar ook de omgang met collega’s. Het is ontzettend belangrijk om ergens bij te horen en zo eigenwaarde te creëren. Je leert daardoor ook dat je – ondanks een beperking – eigenlijk niet zo heel veel anders bent, dan iemand die geen (zichtbare) beperking heeft.

Dit gegeven zal als een rode draad dienen bij het uitvoeren van mijn taken als minister van gehandicaptenzaken.

Inclusieve speeltuinen

Mijn eerste speerpunt is dat ik meer inclusieve speeltuinen wil. Een inclusieve speeltuin is een speeltuin waar alle kinderen met elkaar samen kunnen spelen. Het gaat dan om kinderen met en zonder (zichtbare) beperking. Dit wordt mogelijk door in een speeltuin niet alleen speeltoestellen te plaatsen die een fysieke inspanning vragen, maar door ook toestellen te plaatsen die inspanning vragen van andere zintuigen: bijvoorbeeld door dingen te voelen, te ruiken of te horen. Samen met fondsen, stichtingen en natuurlijk de overheid zal ik met alles wat ik in mij heb, proberen om meer van dit soort speelplekken te realiseren. Kinderen met een beperking kunnen zo zelfstandiger worden en het zal hen meer zelfvertrouwen geven. Uiteindelijk ook bij het vinden van een baan.

Maatwerk bij werkvoorzieningen

En dat sluit aan bij mijn tweede speerpunt: meer maatwerk bij het toekennen van werkvoorzieningen om mensen te ondersteunen bij het uitoefenen van hun beroep. Hierbij kun je denken aan jobcoaching, aanpassingen aan een gebouw of een doventolk.

Voor veel voorzieningen geldt op dit moment een drempelbedrag. Hierdoor wordt er voor werkgevers een drempel opgeworpen om mensen met een beperking in dienst te nemen. Daarnaast wordt gewerkt met vaste leveranciers en aantallen bij de inzet van dergelijke voorzieningen. Zo heeft men bij een auditieve dan wel visuele beperking recht op ondersteuning voor slechts een beperkte duur van de arbeidstijd. Ik ben ervan overtuigd dat er minder mensen langs de kant zouden blijven staan als we meer maatwerk zouden toepassen.

Als Nederland op 17 juni mij kiest als de allereerste Minister van Gehandicaptenzaken, dan kiest men voor iemand die verbindt, motiveert en voor iemand die heeft laten zien dat hij in een beperkte tijd het verschil kan maken in een politieke arena. Want ik weet als geen ander: als je iets kan, maar je doet niets, dan gebeurt er ook niets.

Over Rick:
Rick Brink (33 jaar) woont in Hardenberg en werkt in het dagelijks leven als projectleider in de zakelijke dienstverlening. Ook heeft hij enige jaren politieke ervaring als raadslid in de gemeente Hardenberg. In zijn vrije tijd zet hij zich vrijwillig in voor de plaatselijke voetbalvereniging HHC Hardenberg. Als allereerste Minister van Gehandicaptenzaken wil hij van meerwaarde zijn door in te zetten op heel concrete thema’s, in elk geval: meer inclusieve speeltuinen en meer maatwerk bij de inzet van werkvoorzieningen.

By |2019-06-12T12:15:07+02:0012 juni 2019|Columns, Nieuws|0 reacties

About the Author:

Deze website gebruikt cookies om ons een beeld te geven van het bezoek van deze website. Ok